ECLI:NL:CRVB:2011:BV0009
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- O.L.H.W.I. Korte
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstand wegens onvoldoende medewerking huisbezoek
Appellant vroeg op 6 augustus 2008 bijstand aan bij het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage. Na een eerste huisbezoek waarbij toestemming werd gegeven, ontstond tijdens het bezoek een redelijke grond om het huisbezoek voort te zetten vanwege aanwijzingen dat appellant niet de enige bewoner was. Appellant trok echter zijn medewerking aan het vervolg van het huisbezoek in. Het College wees de aanvraag af wegens schending van de medewerkingsplicht.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat het College niet heeft bewezen dat appellant ondubbelzinnig is geïnformeerd over de gevolgen van het weigeren van medewerking aan het vervolg van het huisbezoek. Appellant had weliswaar aanvankelijk toestemming gegeven, maar tijdens het bezoek is geen verklaring of verslag ondertekend en is niet duidelijk gemaakt dat weigering gevolgen zou hebben.
De Raad stelt dat het College bij het intrekken van medewerking duidelijk had moeten markeren dat voortzetting van het huisbezoek verplicht was en dat weigering gevolgen zou hebben, en dit had moeten vastleggen op het daartoe bestemde formulier. Omdat het College dit niet aannemelijk heeft gemaakt, is het besluit tot afwijzing van de bijstand ondeugdelijk gemotiveerd en wordt het vernietigd. Het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen, met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens onvoldoende medewerking aan het huisbezoek wordt vernietigd en het College wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.