ECLI:NL:CRVB:2012:BV0417
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing eerdere ingangsdatum bijstandsuitkering ondanks onbekendheid appellant
Appellant was van 14 januari tot 14 juli 2008 werkzaam en ontving daarna een WW-uitkering en Ziektewetuitkering. Op 8 oktober 2008 meldde hij zich voor aanvullende bijstand met ingang van 14 juli 2008, maar het College wees dit af met terugwerkende kracht. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad bevestigt dit oordeel.
De Raad overweegt dat volgens vaste rechtspraak bijstand niet wordt verleend vóór de datum van aanvraag, tenzij bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. Appellant stelde dat hij niet op de hoogte was van de bijstandsmogelijkheden en dat hij hierover niet was geïnformeerd door het UWV, maar dit vormt geen bijzondere omstandigheid.
Verder is appellant het niet eens met de inkomensberekening, maar aangezien zijn eigen berekening leidt tot een lagere uitkering dan toegekend, heeft hij geen belang bij een inhoudelijke beoordeling. De Raad bevestigt de afwijzing van het beroep en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere ingangsdatum van de bijstand wordt bevestigd op de datum van aanvraag.