ECLI:NL:CRVB:2012:BV0764
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.F. Bandringa
- Y.J. Klik
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens overschrijding vermogensgrens door woning in Turkije
Appellant ontving bijstand sinds 1975 en verklaarde in 2006 dat hij een stuk land en een huis in Turkije bezit, verkregen via erfrecht. Een onderzoek door de Dienst Werk en Inkomen en het Internationaal Bureau Fraude leidde tot de conclusie dat de waarde van de woning de vermogensgrens overschrijdt, waardoor appellant ten onrechte bijstand ontving.
Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam herzag en trok de bijstand over de periode van 1 juli 1997 tot 22 februari 2006 in en vorderde de kosten terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat hij slechts mede-eigenaar was van de woning en betwistte de waarde.
De Raad oordeelde dat de woning op naam van appellant staat en dat hij onvoldoende bewijs leverde voor mede-eigendom. De vastgestelde waarde overschrijdt ruimschoots de vermogensgrens, ook volgens de door appellant aangevoerde lagere taxaties. Er waren geen bijzondere omstandigheden om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep faalde, en de Raad bevestigde de eerdere uitspraak zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens overschrijding van de vermogensgrens door een woning in Turkije wordt bevestigd.