ECLI:NL:CRVB:2012:BV0985
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J.M. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Toekenning persoonsgebonden budget voor vervoersvoorziening ondanks bezwaren college
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen het college van burgemeester en wethouders van Gouda inzake de toekenning van een vervoersvoorziening op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO).
Het college had een persoonsgebonden budget geweigerd en in plaats daarvan een financiële tegemoetkoming van €1.014 per jaar toegekend voor gebruik van een rolstoeltaxi. Appellant betwistte dit bedrag als onvoldoende om een eigen rolstoelbus aan te schaffen, mede vanwege zijn gedragsproblemen die het gebruik van een rolstoeltaxi bemoeilijken.
De Raad stelt vast dat de redenen van het college om het persoonsgebonden budget te weigeren geen overwegende bezwaren vormen zoals bedoeld in artikel 6 van Pro de WMO. Tevens oordeelt de Raad dat appellant recht heeft op een persoonsgebonden budget dat vergelijkbaar is met de voorziening in natura en afgestemd moet zijn op zijn individuele vervoersbehoefte.
De Raad legt het college op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen waarin het budget wordt vastgesteld op basis van 1040 kilometer per jaar, wat leidt tot een bedrag van €1.977,39. Daarnaast veroordeelt de Raad het college tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Het college moet een persoonsgebonden budget toekennen dat is afgestemd op de individuele vervoersbehoefte van appellant en het eerdere besluit vernietigen.