ECLI:NL:CRVB:2012:BV1037
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- O.L.H.W.I. Korte
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken actueel procesbelang bij verlenging ontheffing arbeidsverplichtingen
Appellante ontvangt sinds 1985 bijstand en was tot 1 mei 2008 ontheven van arbeidsverplichtingen op grond van artikel 9, eerste lid, van de WWB. Na medisch en arbeidskundig onderzoek heeft het College bij besluit van 9 mei 2008 de ontheffing verlengd tot 8 november 2008. Het College verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond en de rechtbank bevestigde dit in haar uitspraak van 22 juni 2010.
Appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak met het doel om de ontheffing van haar arbeidsverplichtingen langer te laten duren. Tijdens de procedure bleek echter dat het College de ontheffing reeds had verlengd tot 27 juli 2009, waardoor het beoogde resultaat van het hoger beroep feitelijk was bereikt.
De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat appellante daardoor geen actueel procesbelang meer had bij de beoordeling van haar hoger beroep. Er was geen sprake van schade of ander belang dat het hoger beroep rechtvaardigde. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een actueel procesbelang.