ECLI:NL:CRVB:2012:BV1376
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J. Brand
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering tegemoetkoming opleidings- en examenkosten groot vaarbewijs
Appellant verzocht het UWV om een tegemoetkoming in de kosten van een opleiding voor het groot vaarbewijs en de examenkosten. Het UWV weigerde dit op grond van artikel 30a, eerste lid, van de Wet SUWI, omdat appellant sinds 5 september 2008 geen uitkering meer ontving en daarmee niet viel onder de doelgroep waarvoor het UWV re-integratietaken heeft.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het verzoek om vergoeding pas op 2 december 2008 duidelijk was geworden, terwijl appellant toen al geen uitkering meer had. Tevens stelde de rechtbank vast dat het UWV geen toezeggingen had gedaan om de kosten te vergoeden. De kosten van de opleiding waren door een andere instantie vergoed, de examenkosten niet, maar er was geen reden om aan te nemen dat vergoeding daarvan zou worden geweigerd indien appellant daarom zou verzoeken.
In hoger beroep stelde appellant dat het verzoek om vergoeding al op 2 september 2008 was ingediend en dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het UWV geen toezeggingen had gedaan. De Raad overwoog dat uit de brief van 2 september 2008 niet bleek dat appellant vergoeding van de kosten wenste, maar slechts een verzoek om contact vanwege mogelijke ondersteuning.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat het UWV terecht de tegemoetkoming had geweigerd omdat appellant niet meer viel onder de doelgroep van artikel 30a, eerste lid, Wet SUWI. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van het UWV om tegemoetkoming te verlenen wordt bevestigd.