ECLI:NL:CRVB:2012:BV6383
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep en bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag
Appellanten hebben bij het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een aanvraag om bijstand ingediend. Het college heeft de aanvraag afgewezen omdat appellant tijdens reguliere werktijden werkzaamheden verrichtte in een belwinkel, hetgeen het recht op bijstand uitsluit. De rechtbank heeft het beroep tegen dit besluit ongegrond verklaard.
Appellanten zijn in hoger beroep gegaan tegen deze uitspraak. Appellante heeft echter geen bezwaar gemaakt tegen het bestreden besluit, wat haar redelijkerwijs kan worden verweten, waardoor haar hoger beroep niet-ontvankelijk wordt verklaard. Appellant stelt dat hij vanaf 26 januari 2010 niet meer werkzaam was in de belwinkel, maar de Raad concludeert dat hij dit niet aannemelijk heeft gemaakt. Verklaringen van appellant en de nieuwe eigenaar zijn tegenstrijdig, en de Raad hecht geen waarde aan een brief die mogelijk door appellant zelf is opgesteld.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank dat appellant geen recht heeft op bijstand vanaf 26 januari 2010 en verklaart het hoger beroep van appellante niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard en het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard, waarmee de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd.