ECLI:NL:CRVB:2012:BV8178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens niet verstrekken verblijfplaats na woningbrand
Appellant ontving bijstand sinds 2005. Na een brand in zijn woning in november 2009, waardoor deze onbewoonbaar werd, startte het college een onderzoek naar zijn verblijfplaats. Ondanks herhaalde verzoeken reageerde appellant niet tijdig met de gevraagde gegevens. Het college schortte de bijstand op en trok deze later in, gevolgd door terugvordering van de uitkering.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze besluiten ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat hij telefonisch contact had gehad en dat de handelwijze van het college onzorgvuldig was vanwege de bijzondere omstandigheden. De Raad oordeelde dat de telefonische reactie te laat was en dat het verkrijgen van duidelijkheid over de verblijfplaats essentieel was voor de bijstand.
De Raad vond geen reden om aan te nemen dat appellant redelijkerwijs niet binnen de hersteltermijn de gevraagde informatie kon verstrekken. Ook achtte de Raad de handelwijze van het college niet onzorgvuldig. Daarom werd het hoger beroep verworpen en de intrekking van de bijstand bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wordt bevestigd wegens het niet tijdig verstrekken van verblijfplaatsgegevens na een woningbrand.