ECLI:NL:CRVB:2012:BV8532
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid verzoek om herziening wegens te late griffierechtbetaling ongegrond verklaard
Verzoekster heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 17 mei 2011, waarin haar verzoek om herziening van een eerdere uitspraak niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het te laat betalen van het griffierecht.
De Raad stelde vast dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn van vier weken was ontvangen, ondanks dat verzoekster stelde dat zij meerdere pogingen had gedaan om het griffierecht vanuit Marokko over te maken. Zij overmaakte het bedrag uiteindelijk via een Nederlandse bank, maar dit gebeurde na de termijn.
De Raad gaf verzoekster de gelegenheid om haar stellingen met bewijs te onderbouwen, maar vond op basis van de beschikbare gegevens niet aannemelijk dat zij binnen de termijn pogingen had ondernomen om het griffierecht te betalen.
Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en het te laat betaalde griffierecht terugbetaald. Partijen waren niet verschenen bij de zitting, en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard vanwege te late betaling van het griffierecht.