ECLI:NL:CRVB:2012:BV9240
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- W.F. Claessens
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onvoldoende inzicht in inkomsten marktkramen
Appellante en S ontvingen bijstand tot mei 2008, waarna het recht werd beëindigd vanwege het aangaan van een dienstbetrekking door S. Uit onderzoek bleek dat appellante en S in de periode 1999-2006 marktkramen op de Beverwijkse Bazaar huurden en dat zij ook na 2006 feitelijk de exploitanten waren van kramen op naam van hun dochter F.
Het college trok de bijstand in omdat appellante en S geen of onjuiste inlichtingen hadden verstrekt over hun werkzaamheden en inkomsten uit de marktkramen. Bij de aanvraag in juli 2008 weigerde het college bijstand vanwege het ontbreken van een deugdelijke en verifieerbare boekhouding over de inkomsten uit deze activiteiten.
Appellante voerde aan dat de kraamhuur slechts net werd betaald en dat de activiteiten hobbymatig waren, zonder winstoogmerk. De Raad oordeelde echter dat de activiteiten het hobbymatig karakter ver overstijgen en als op geld waardeerbare werkzaamheden moeten worden beschouwd. Daarom moest appellante concrete en verifieerbare gegevens over de inkomsten verstrekken.
De door appellante overgelegde boekhouding voldeed niet aan deze eisen. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag wordt afgewezen wegens onvoldoende concrete en verifieerbare inkomsten uit marktkraamactiviteiten.