ECLI:NL:CRVB:2012:BV9570
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.J.M. Heijs
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Vermindering bijstand wegens onvoldoende medewerking arbeidsinschakeling, herziening verlaging
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college verlaagde hun bijstand met 100% voor twee periodes vanwege het niet verschijnen op sollicitatiegesprekken bij WorkstaR, waarbij een werkaanbod zou worden gedaan. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en de besluiten.
De Raad oordeelt dat het college ten onrechte heeft aangenomen dat appellanten algemeen geaccepteerde of gesubsidieerde arbeid hebben geweigerd, omdat de sollicitatiegesprekken niet hebben plaatsgevonden en er dus geen werkaanbod is gedaan. Wel is vastgesteld dat appellanten niet hebben meegewerkt aan een onderzoek naar arbeidsinschakeling door niet te verschijnen op de gesprekken zonder bericht van verhindering.
Op grond hiervan bepaalt de Raad dat de bijstand met 20% moet worden verlaagd voor één maand en met 30% voor één maand, in plaats van 100%. Tevens veroordeelt de Raad het college in de proceskosten en wijst het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn af.
Uitkomst: De bijstand van appellanten wordt verlaagd met 20% voor één maand en 30% voor één maand, en de eerdere besluiten tot 100% verlaging worden vernietigd.