ECLI:NL:CRVB:2012:BV9894
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging voorlopige voorziening in AWBZ-zorgzaak
Verzoeker had een voorlopige voorziening toegewezen gekregen om zorg te ontvangen conform een indicatie van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Verzoeker vroeg om wijziging van deze voorziening omdat de geleverde zorg ongeschikt zou zijn. De voorzieningenrechter constateerde dat verzoeker de aangeboden zorg niet gebruikte en dat zorgaanbieders meerdere keren opname hadden aangeboden die verzoeker weigerde. Hoewel er gedragsproblemen waren bij een zorgaanbieder, bleef deze bereid tot opvang.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet gaat om een ideale toekomstige oplossing, maar om een toereikende voorziening in afwachting van de uitspraak in de hoofdzaak. Daarom zag hij geen reden om de voorlopige voorziening te wijzigen. Tevens werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
De uitspraak werd gedaan door de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep op 16 maart 2012, na een zitting en aanvullende schriftelijke informatie over de detentie van verzoeker. Het verzoek om wijziging van de voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Verzoek om wijziging van de voorlopige voorziening wordt afgewezen; oorspronkelijke voorziening blijft van kracht.