ECLI:NL:CRVB:2011:BT1738
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening voor verstrekking geïndiceerde zorg aan ongewenst vreemdeling met ernstige psychische aandoening
Verzoeker, een Somalische man die als ongewenst vreemdeling is verklaard en niet rechtmatig in Nederland verblijft, is door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) geïndiceerd voor het Zorgzwaartepakket GGZ05C voor 7 etmalen per week. Het Zorgkantoor weigerde de zorg te verlenen omdat verzoeker niet AWBZ-gerechtigd is vanwege zijn illegale verblijf.
De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker een ernstige psychiatrische aandoening heeft met een sombere prognose en dat het onthouden van de zorg levensbedreigend is. Medische adviezen tonen aan dat zonder behandeling binnen drie maanden een onomkeerbaar proces naar de dood zal volgen. Verzoeker behoort tot de kwetsbare categorie die volgens artikel 8 EVRM Pro recht heeft op bescherming van zijn privéleven en fysieke integriteit.
Hoewel verzoeker niet verzekerd is op grond van de AWBZ en de ongewenstverklaring onherroepelijk is, weegt de voorzieningenrechter het publieke belang van zorgweigering niet op tegen het particuliere belang van verzoeker bij zorgverlening. Het Zorgkantoor wordt daarom verplicht de geïndiceerde zorg te verlenen totdat in de hoofdzaak een definitieve uitspraak is gedaan. Tevens wordt het Zorgkantoor veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het Zorgkantoor wordt verplicht de geïndiceerde zorg te verlenen aan verzoeker totdat de hoofdzaak is beslist.