ECLI:NL:CRVB:2012:BW4424
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit UWV over niet-duurzame arbeidsbeperkingen en loongerelateerde WGA-uitkering
Appellant, adjunct-directeur, meldde zich ziek met hartklachten en kreeg een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend wegens volledige arbeidsongeschiktheid. De cardiologische rapporten en medische onderzoeken toonden een voorspoedige revalidatie en een matige maar niet duurzame arbeidsbeperking.
De bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat verbetering van de belastbaarheid mogelijk was en dat geen sprake was van een stabiel of progressief ziektebeeld zonder behandelmogelijkheden. De rechtbank onderschreef deze beoordeling en oordeelde dat geen doorslaggevende argumenten bestonden om te concluderen dat de arbeidsbeperkingen duurzaam waren.
In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunt, maar de Raad stelde dat de prognose van de bezwaarverzekeringsarts niet ondeugdelijk was en dat de medische informatie geen aanleiding gaf tot een andere conclusie. De Raad bevestigde het eerdere oordeel en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit van het UWV tot toekenning van een loongerelateerde WGA-uitkering wordt bevestigd.