ECLI:NL:CRVB:2012:BW5829
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bijdrage Zvw voor verdragsgerechtigde woonachtig in het Verenigd Koninkrijk
Appellant, woonachtig in het Verenigd Koninkrijk en gerechtigd tot zorg op grond van Verordening 1408/71, betwistte de inhouding van een bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) op zijn Nederlandse pensioen. Hij stelde dat hij door dubbele betaling via belastingen in het Verenigd Koninkrijk en de bijdrage Zvw werd gediscrimineerd en in zijn vrij verkeer werd belemmerd.
De Raad overwoog dat Nederland op grond van de Verordening bevoegd is een bijdrage te heffen en dat de inhouding daarvan niet in strijd is met het vrij verkeer van burgers binnen de EU. De zogenoemde woonlandfactor, die de bijdrage berekent op basis van gemiddelde zorguitgaven in woon- en pensioenland, is niet onredelijk of discriminerend. Tevens is het feit dat de zorg in het Verenigd Koninkrijk via algemene middelen wordt gefinancierd een interne aangelegenheid van dat land.
De Raad concludeerde dat er geen sprake is van ongelijke behandeling of beperking van het vrij verkeer en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Het verzoek om schadevergoeding wegens psychische schade werd afgewezen.
Uitkomst: De bijdrage Zorgverzekeringswet op het pensioen van appellant is rechtmatig en het hoger beroep wordt afgewezen.