ECLI:NL:CRVB:2012:BW6235
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek volledige ontheffing arbeidsverplichtingen WWB ondanks onzorgvuldige besluitvorming
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB en was op basis van een medisch advies vrijgesteld van de verplichting om algemeen geaccepteerd werk te zoeken en aan te nemen. Zij verzocht het college om volledige ontheffing van alle arbeidsverplichtingen, maar het college stuurde een besluit waarin werd meegedeeld dat zij nog steeds was ontheven van de verplichting tot het zoeken en aanvaarden van algemeen geaccepteerd werk. Dit besluit werd door appellante als onvoldoende en onzorgvuldig gemotiveerd bestempeld, waarna zij een ingebrekestelling indiende.
Het college nam binnen twee weken na ontvangst van de ingebrekestelling alsnog een besluit waarin zij appellante voor de duur van een jaar volledig ontheefde van de arbeidsverplichtingen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het eerdere besluit van 16 juni 2010 als afwijzing van het verzoek moest worden gezien en dat het college geen dwangsom verschuldigd was.
In hoger beroep betoogde appellante dat het besluit van 16 juni 2010 slechts een ontvangstbevestiging was en geen afwijzing, en dat het college onzorgvuldig had gehandeld door zonder medisch advies te besluiten. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat het besluit van 16 juni 2010 wel degelijk een afwijzing inhield, ook al was de motivering onvoldoende. Omdat het besluit binnen twee weken na de ingebrekestelling was genomen, was het college geen dwangsom verschuldigd. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van 16 juni 2010 wordt als afwijzing van het verzoek tot volledige ontheffing bevestigd zonder dat een dwangsom verschuldigd is.