ECLI:NL:CRVB:2012:BW7027
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting en vaststelling werkelijke arbeidsuren en uurloon
Appellanten ontvingen bijstand en appellant werkte zwart bij een tuinderij, zonder dit tijdig en volledig te melden aan het college. Na onderzoek door de Sociale Recherche en het Westland Interventie Team stelde het college vast dat appellant gemiddeld 35 tot 50 uur per week werkte en gebruikte het door appellant zelf opgegeven netto-uurloon van € 8,50. Het college besloot de bijstand met ingang van 1 november 2008 in te trekken en de te veel ontvangen bijstand terug te vorderen.
De rechtbank wees het beroep van appellanten af, onder meer omdat het verzoek om een getuige te horen te laat was ingediend. In hoger beroep betwistten appellanten het aantal uren en het uurloon, en verzochten zij alsnog om het horen van een getuige en schadevergoeding.
De Raad oordeelde dat het college terecht uitging van de manurenstaten en de eerste verklaring van appellant over het uurloon, en dat appellanten niet aannemelijk hadden gemaakt dat een lager uurloon gold. Het verzoek om een getuige te horen was te laat en mocht worden afgewezen. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand en wijst het verzoek om schadevergoeding af.