ECLI:NL:CRVB:2012:BW7178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening gedifferentieerde WAO-premies wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Lisse, verzocht het UWV om herziening van de gedifferentieerde WAO-premies over de jaren 2003, 2004 en 2005, stellende dat de premies ten onrechte waren toegerekend vanwege onjuiste informatie over (ex-)werknemers. Het UWV wees dit verzoek af, omdat geen sprake was van nieuwe feiten of omstandigheden zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat zij destijds niet beschikte over volledige informatie en dat het UWV in vergelijkbare gevallen wel tot herziening was overgegaan. Tevens werd een grief ingediend over toepassing van artikel 13 van Pro de Coördinatiewet Sociale Verzekeringen, maar deze werd als te laat ingediend verworpen.
De Raad overwoog dat appellant de juistheid van de premies bij de oorspronkelijke besluiten had kunnen controleren en dat er geen nieuwe feiten waren die herziening rechtvaardigen. Ook werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel verworpen wegens gebrek aan concrete onderbouwing. Het bestreden besluit was redelijk en in overeenstemming met rechtsregels en algemene rechtsbeginselen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het beroep van appellant af. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV om de herziening van de gedifferentieerde WAO-premies af te wijzen wegens ontbreken van nieuwe feiten.