ECLI:NL:CRVB:2012:BW7447
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- O.L.H.W.I. Korte
- J.F. Bandringa
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand en terugvordering wegens schending inlichtingenverplichting en woonplaatskwestie
Appellante ontving bijstand sinds 2003 en werd door het college van Delft onderzocht na een tip over haar vermeende verblijf in Amsterdam. Het college trok bijstand in en vorderde €40.409,82 terug over de periode 1 augustus 2006 tot 31 maart 2009, omdat appellante niet in Delft woonde.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellante tegen de intrekking ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij wel in Delft woonde en dat het energieverbruik in Amsterdam haar stelling ondersteunt. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de onderzoeksbevindingen, waaronder verklaringen van haar zoon en omwonenden, een toereikende grondslag vormen voor het standpunt dat zij niet in Delft woonde.
De Raad wees erop dat de vrijspraak in de strafrechtelijke procedure niet bindend is voor het bestuursrechtelijk oordeel, omdat het om verschillende rechtsvragen gaat. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van bijstand en terugvordering wegens het ontbreken van woonplaats in Delft.