ECLI:NL:CRVB:2012:BW7526
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- W.H. Bel
- Rechtspraak.nl
Weigering overbruggingstoeslag en bijzondere bijstand voor meerderjarige inwonende zoon
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder met toeslag, maar na het 18e levensjaar van haar inwonende zoon werd de toeslag verlaagd en de overbruggingstoeslag geweigerd. De commissie baseerde dit op het gezamenlijke inkomen van appellante en haar zoon, die studiefinanciering en inkomsten uit arbeid ontvangt.
Appellante stelde dat de studiefinanciering een lening is bedoeld voor studiekosten en niet voor levensonderhoud, en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat niet-studerende kinderen geen lening hoeven aan te gaan. De Raad oordeelde dat studiefinanciering mede bestemd is voor levensonderhoud en dat de lening onder voorwaarden kan worden omgezet in een gift, waardoor het inkomen van de zoon terecht wordt meegewogen.
Verder is bijzondere bijstand op grond van artikel 35 WWB Pro alleen mogelijk voor kosten die appellante zelf maakt, niet voor kosten van haar meerderjarige zoon. De Raad bevestigde het beleid van de commissie en verklaarde het beroep ongegrond, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de weigering van de overbruggingstoeslag bevestigd.