ECLI:NL:CRVB:2012:BW7707
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing AWBZ-zorg wegens ontbreken geldige verblijfstitel niet onrechtmatig
Appellant, een man met uitgebreide cognitieve stoornissen, werd geïndiceerd voor zorg op grond van de AWBZ. Het Zorgkantoor weigerde de zorg te realiseren omdat appellant niet verzekerd is vanwege het ontbreken van een geldige verblijfstitel. Appellant stelde dat dit een schending van zijn rechten onder artikel 8 EVRM Pro oplevert.
De Raad overwoog dat artikel 8 EVRM Pro het recht op respect voor het privéleven beschermt, inclusief fysieke en psychische integriteit, en dat kwetsbare personen bijzondere bescherming verdienen. Echter, het Europese Hof voor de Rechten van de Mens kent staten een ruime beoordelingsvrijheid toe, zeker bij het toekennen van publieke middelen, en houdt rekening met de legale verblijfsstatus.
De Raad concludeerde dat de weigering van het Zorgkantoor een faire balans vormt tussen publieke belangen en de particuliere belangen van appellant. De feitelijke levering van zorg en het ontbreken van een onhoudbare situatie voor appellant ondersteunen dit oordeel. Het beroep van appellant werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van het verzoek om AWBZ-zorg wegens het ontbreken van een geldige verblijfstitel zonder schending van artikel 8 EVRM.