ECLI:NL:CRVB:2012:BW8064
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens schending inlichtingenverplichting en vermogen buitenland
Appellanten ontvingen sinds 1996 bijstand, maar na een fraudemelding startte de gemeente Nijmegen een onderzoek naar verzwegen vermogen in de vorm van een appartement in Turkije. Uit onderzoek bleek dat de woning een getaxeerde waarde van € 25.000 had in 2008. Het college herzag en trok de bijstand in over de periode van 1 juli 1997 tot 31 mei 2008 en vorderde terugbetaling van € 16.364.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellanten ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. De Raad oordeelde dat appellanten hun wettelijke inlichtingenverplichting hadden geschonden door het bezit van het appartement niet te melden, ondanks het feit dat zij dit tijdens vakantie gebruikten. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat er geen bewijs was dat zij hierover correcte informatie hadden ontvangen van de gemeente.
Verder was het niet mogelijk om de waarde van de woning over de gehele periode exact vast te stellen, waardoor het recht op bijstand voor de periode tot 27 januari 2008 niet kon worden vastgesteld. Vanaf die datum stond het vermogen van € 25.000 vast, wat het recht op bijstand uitsloot. Appellanten leverden onvoldoende tegenbewijs tegen de taxatie. Het hoger beroep werd afgewezen en de terugvordering bleef in stand.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand en terugvordering worden bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting en het bezit van vermogen boven de vrijlatingsgrens.