ECLI:NL:CRVB:2012:BW9160
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekking bijstand wegens gezamenlijke huishouding
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB en werd na een tip onderzocht op het voeren van een gezamenlijke huishouding met een partner met een eigen inkomen. Het college trok de bijstand in, waarna appellante bezwaar maakte en beroep instelde. De rechtbank vernietigde het besluit wegens schending van zorgvuldigheidsvereisten in de bezwaarprocedure en beoordeelde de zaak inhoudelijk omdat de originele processen-verbaal in beroep waren overgelegd.
Appellante stelde in hoger beroep dat de rechtbank niet zelf had mogen voorzien maar de zaak had moeten terugwijzen, omdat zij in de bezwaarfase niet kon reageren op originele stukken. De Raad overwoog dat appellante in beroep wel op deze stukken heeft kunnen reageren en dat de rechtbank terecht het geschil finaal heeft beslecht.
De Raad concludeerde dat de procesbelangen van appellante niet zijn geschaad en dat een nieuwe beoordeling door het college geen toegevoegde waarde zou hebben gehad. Appellante heeft in hoger beroep de gelegenheid om te reageren op de originele processen-verbaal niet benut. De hoger beroepsgronden slagen niet en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het bestreden besluit en de inhoudelijke afdoening door de rechtbank.