ECLI:NL:CRVB:2012:BW9313
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag met terugwerkende kracht ouderdomspensioen AOW
Appellant heeft bij de Sociale Verzekeringsbank (Svb) een ouderdomspensioen aangevraagd met ingang van december 2008. De Svb kende het pensioen toe met terugwerkende kracht van één jaar, waarna dit besluit na bezwaar werd gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant onvoldoende aannemelijk maakte dat hij niet in staat was het aanvraagformulier zelf in te vullen of hulp in te schakelen.
In hoger beroep stelde appellant dat zijn medische toestand het indienen van de aanvraag belemmerde. De Raad oordeelde echter dat uit de overgelegde medische verklaring niet bleek dat appellant daadwerkelijk niet in staat was het formulier in te vullen of te laten invullen. De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank dat geen sprake was van een bijzonder geval dat een langere terugwerkende kracht rechtvaardigt.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en zag geen reden om ambtshalve toekenning toe te passen. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 juni 2012.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het ouderdomspensioen niet met meer dan één jaar terugwerkende kracht wordt toegekend omdat appellant het aanvraagformulier niet heeft ingediend.