ECLI:NL:CRVB:2012:BX0205
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij werving reizigers
Appellanten ontvingen bijstand over een lange periode. Naar aanleiding van een brief van een reisbureau werd een onderzoek ingesteld, waaruit bleek dat appellant gedurende twee periodes loonvormende arbeid verrichtte door het werven en begeleiden van reizigers naar Mekka. Het college herzag en trok de bijstand over deze periodes in en vorderde de kosten terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten tegen deze besluiten ongegrond. In hoger beroep stelden appellanten dat het college op de hoogte was van de loonvormende arbeid en dat er geen inkomsten uit deze arbeid waren ontvangen, waardoor de inlichtingenverplichting niet was geschonden.
De Raad oordeelde dat appellanten niet aannemelijk hadden gemaakt dat zij het college hadden geïnformeerd over afspraken met het reisbureau om tegen betaling reizigers te werven. Tevens was niet aannemelijk gemaakt dat er geen inkomsten waren ontvangen. Hierdoor was de inlichtingenverplichting geschonden, wat een rechtsgrond vormde voor intrekking van de bijstand. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting wordt bevestigd.