ECLI:NL:CRVB:2012:BX0432
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- B.M. van Dun
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewet-uitkering na niet-uitgevoerd psychiatrisch onderzoek
Appellant ontving een Ziektewet-uitkering die door het UWV werd beëindigd nadat een bedrijfsarts concludeerde dat appellant geschikt was voor zijn werk. Appellant betwistte dit en overhandigde rapporten van een arts-psychotherapeut die een psychotische stoornis stelde. De bezwaarverzekeringsarts twijfelde aan de diagnose en verklaarde appellant geschikt.
De rechtbank schorste het onderzoek ter zitting om een onafhankelijke psychiatrische expertise te laten verrichten, maar dit onderzoek kon niet plaatsvinden omdat appellant was uitgezet naar Marokko en niet naar Nederland kon terugkeren. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en baseerde zich op de beschikbare stukken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de arts-psychotherapeut geen onafhankelijke deskundige was en dat het UWV terecht een onafhankelijk onderzoek wilde. Het niet kunnen uitvoeren van het onderzoek ligt in de risicosfeer van appellant. De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit tot beëindiging van de uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot beëindiging van de Ziektewet-uitkering en verklaart het beroep ongegrond.