ECLI:NL:CRVB:2012:BX1997
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- J. Riphagen
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten herziening en terugvordering WW-uitkering wegens onzorgvuldigheid Uwv
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van het Uwv waarin zijn WW-uitkering over de periode 2003-2006 werd herzien en teruggevorderd wegens het niet vermelden van reisuren naar klanten op werkbriefjes. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad dat appellant redelijkerwijs had moeten beseffen dat reisuren als indirecte uren vermeld moesten worden, en dat zijn psychische aandoening dit niet aannemelijk kon verhinderen.
De Raad stelt vast dat het Uwv bevoegd was tot herziening en terugvordering op grond van de WW en dat de ZZP-handleiding correct is toegepast. Wel erkent het Uwv dat de redelijke termijn is overschreden en stemt in met een schadevergoeding van € 1.500 wegens onzorgvuldige besluitvorming.
De Raad vernietigt de besluiten van 22 december 2008, 25 oktober 2010 en 7 februari 2012 voor zover zij de herziening en terugvordering betreffen, maar laat de rechtsgevolgen daarvan in stand. Tevens veroordeelt de Raad het Uwv tot schadevergoeding en proceskostenvergoeding aan appellant.
Uitkomst: Besluiten herziening en terugvordering WW-uitkering vernietigd wegens onzorgvuldige besluitvorming, met instandhouding rechtsgevolgen en vergoeding van schade en proceskosten aan appellant.