ECLI:NL:CRVB:2012:BX3041
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV en uitspraak rechtbank inzake IVA-uitkering
In deze zaak stond het hoger beroep van appellant tegen het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank Utrecht centraal. Na een eerdere tussenuitspraak heeft het UWV bij een nieuw besluit van 1 juni 2012 de berekening van de IVA-uitkering aangepast, waarbij het dagloon werd vastgesteld op basis van de functie van commercieel directeur.
Appellant gaf aan dat dit nieuwe besluit volledig tegemoet kwam aan zijn bezwaren. De Raad heeft daarop het onderzoek gesloten zonder nader onderzoek ter zitting, conform de toepasselijke wettelijke bepalingen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het nieuwe besluit van het UWV geheel tegemoetkomt aan de bezwaren van appellant, waardoor het hoger beroep slaagt. De Raad vernietigt de aangevallen uitspraak en het besluit van 20 februari 2009.
Daarnaast veroordeelt de Raad het UWV tot betaling van de proceskosten in beroep en hoger beroep aan appellant, inclusief vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het UWV en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd.