ECLI:NL:CRVB:2012:BX3044
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- M.C. Bruning
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat zij vanaf 14 augustus 2009 niet meer dan 35% arbeidsongeschikt was en daardoor geen recht had op een WIA-uitkering. De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep ongegrond omdat de medische onderbouwing van het UWV overtuigend was en appellante onvoldoende medische gegevens had aangeleverd om dit te betwisten.
In hoger beroep heeft appellante haar standpunt herhaald en aanvullende medische verklaringen van behandelend artsen overgelegd. De Centrale Raad van Beroep heeft deze stukken beoordeeld en geoordeeld dat deze onvoldoende aanleiding geven om te twijfelen aan de medische grondslag van het UWV-besluit. De bezwaarverzekeringsartsen hebben gemotiveerd toegelicht dat de klachten van appellante niet in overeenstemming zijn met de objectief vastgestelde beperkingen.
De Raad concludeert dat het oordeel van de rechtbank over de medische geschiktheid van de geduide functies juist is en dat appellante geen recht heeft op een WIA-uitkering. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Geen recht op WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid bevestigd.