ECLI:NL:CRVB:2012:BX3446
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- J.J.A. Kooijman
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenverplichting
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de intrekking van zijn bijstandsuitkering door het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Het college had de uitkering ingetrokken omdat appellant geen deugdelijke administratie over zijn reizen naar het buitenland had verstrekt en onvoldoende informatie gaf over kasstortingen en een aanhouding met contant geld.
Het college stelde dat appellant niet binnen de gestelde hersteltermijn de gevraagde gegevens had aangeleverd, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Appellant voerde aan dat hij na maart 2008 geen reizen meer had gemaakt en dat het recht op bijstand per maand wordt vastgesteld, waardoor intrekking over meerdere maanden niet mogelijk zou zijn.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij niet over de kasstortingen kon beschikken en dat hij onvoldoende duidelijkheid had verschaft over de herkomst van het contante bedrag bij zijn aanhouding. De Raad bevestigde dat de intrekking terecht was en dat de inlichtingenverplichting was geschonden, waardoor het recht op bijstand niet vastgesteld kon worden.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wordt bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting.