ECLI:NL:CRVB:2012:BX3775
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep wegens miscommunicatie tussen appellant en gemachtigde
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake een WAO-zaak. Zijn advocaat, mr. J.A.H. Blom, trok het hoger beroep bij brief van 5 juni 2012 in. Appellant stelde vervolgens dat deze intrekking voortkwam uit een miscommunicatie en verzocht het hoger beroep te handhaven.
De Raad oordeelde dat de intrekking door de gemachtigde bevoegd en zonder voorbehoud was gedaan. Een miscommunicatie tussen appellant en zijn advocaat kon niet worden aangemerkt als een omstandigheid die niet aan appellant toe te rekenen was, noch was er sprake van wilsgebreken.
Daarom was de intrekking rechtsgeldig en kon deze niet ongedaan worden gemaakt. Gezien de jurisprudentie van de Hoge Raad moest het hoger beroep niet-ontvankelijk worden verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is rechtsgeldig ingetrokken en daarom niet-ontvankelijk verklaard.