ECLI:NL:CRVB:2012:BX3878
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na psychiatrisch onderzoek bevestigd door Centrale Raad van Beroep
Appellant werkte als operator op tijdelijke contracten en meldde zich ziek met psychische klachten nadat duidelijk werd dat geen vast contract zou volgen. Vanaf juli 2008 ontving hij een Ziektewetuitkering. Het UWV beëindigde deze uitkering per 11 februari 2009 na een verzekeringsarts had vastgesteld dat appellant weer geschikt was voor zijn werk. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, gesteund op een uitgebreid psychiatrisch onderzoek door dr. Meissner en dr. Goriounov. Zij constateerden beperkingen bij appellant, maar schreven deze toe aan acculturatieproblematiek en persoonlijkheidstrekken, niet aan een objectief medisch vast te stellen ziekte of gebrek. Deze deskundigen namen ook de informatie van de behandelend arts mee, maar kwamen tot een andere, gemotiveerde conclusie.
Appellant overhandigde in hoger beroep een zorgplan opgesteld door een vrijwilliger, maar dit stuk werd niet als medisch bewijs erkend en bevatte geen concrete gegevens die twijfel konden zaaien over het psychiatrisch rapport. De Centrale Raad van Beroep volgde het oordeel van de rechtbank en bevestigde het bestreden besluit, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering en wijst het hoger beroep af.