ECLI:NL:CRVB:2012:BX6584
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand ter aanvulling van AOW wegens onvoldoende onderbouwing besteding afkoopsom levensverzekering
Appellante en haar overleden echtgenoot hebben op 18 februari 2009 een aanvraag ingediend voor bijstand ter aanvulling van hun AOW-uitkering. Het college van burgemeester en wethouders van Venlo wees deze aanvraag af omdat appellante niet voldeed aan de inlichtingenplicht omtrent de besteding van een in 2005 ontvangen afkoopsom van een levensverzekering ter waarde van €31.241,31.
De rechtbank Roermond verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, omdat de nadere stukken die appellante op 8 oktober 2010 overlegde onvoldoende duidelijkheid verschaften over de besteding van de afkoopsom. Ook de verklaring van de zoon van appellante als getuige bracht hierin geen verandering.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het op de aanvrager rust om aan te tonen dat sprake is van gewijzigde omstandigheden die recht geven op bijstand. De Raad vond, net als de rechtbank, dat de overgelegde stukken en verklaringen geen verband aantonen tussen de betalingen van de zoon en schoondochter en de afkoopsom. De verklaring over een lening van €12.000,-- was niet onderbouwd met bewijsstukken en kon daarom niet worden meegewogen.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag om bijstand bevestigd wegens onvoldoende onderbouwing van de besteding van de afkoopsom.