ECLI:NL:CRVB:2012:BX9052
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Beoordeling loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen binnen spoor 1
Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, heeft het tijdvak van loonbetaling tijdens ziekte met 52 weken verlengd vanwege onvoldoende re-integratie-inspanningen van betrokkene binnen spoor 1. De rechtbank Utrecht had dit besluit vernietigd en het beroep van betrokkene gegrond verklaard, stellende dat betrokkene niet verplicht was werk op afstand aan te bieden.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep de rapportages van arbeidsdeskundigen en bezwaararbeidsdeskundigen beoordeeld. Deze rapportages ondersteunen het standpunt dat betrokkene onvoldoende inspanningen heeft verricht om werkneemster te laten re-integreren, ondanks dat werkneemster haar werk geruime tijd op afstand heeft kunnen uitvoeren en collega’s hier geen bezwaar tegen hadden.
De Raad oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het besluit heeft vernietigd en benadrukt dat de bestuursrechter een zelfstandige verantwoordelijkheid heeft bij de beoordeling van re-integratie-inspanningen, onafhankelijk van civiele rechterlijke uitspraken. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het primaire besluit blijft van kracht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen binnen spoor 1 blijft van kracht.