ECLI:NL:CRVB:2012:BY0321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- B.J. van de Griend
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Vergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in bestuurs- en rechterlijke fase
Betrokkene stelde beroep in tegen een bestuursbesluit van 5 juni 2009. De procedure duurde meer dan vier jaar, waarbij de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro werd overschreden. De Raad stelde vast dat zowel de bestuursfase als de rechterlijke fase te lang duurden.
De Staat erkende een overschrijding van ruim zeven maanden in de rechterlijke fase en stemde in met een vergoeding van € 1.000,-. Het bestuur erkende de langere bezwaarprocedure, maar voerde aan dat de duur gerechtvaardigd was vanwege noodzakelijk medisch en arbeidskundig onderzoek. Betrokkene stelde dat ook na correctie voor uitstel door contra-expertise sprake was van een overschrijding van meer dan twaalf maanden in de bezwaarprocedure.
De Raad oordeelde dat het risico van het noodzakelijke nader onderzoek in de bezwaarfase voor het bestuursorgaan komt en dat geen reden bestaat om een langere termijn te rechtvaardigen. De totale overschrijding van ruim anderhalf jaar leidt tot een schadevergoeding van € 2.000,-, waarvan € 1.000,- ten laste van de Staat en € 1.000,- ten laste van het bestuur. Daarnaast werden proceskosten van € 218,50 per partij toegewezen aan betrokkene.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 11 oktober 2012, waarbij de behandeling ter zitting achterwege bleef.
Uitkomst: De Staat en het bestuur worden veroordeeld tot een gezamenlijke schadevergoeding van € 2.000,- en proceskostenvergoeding aan betrokkene wegens overschrijding van de redelijke termijn.