ECLI:NL:CRVB:2012:BY1239
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- E.J.M. Heijs
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstand wegens onvoldoende medewerking aan huisbezoek
Appellante ontving sinds 1998 bijstand en werd onderzocht naar aanleiding van een anonieme tip over samenwoning en inkomsten uit wiethandel. Op 29 maart 2010 vond een huisbezoek plaats waarbij appellante weigerde inzage te geven in administratieve ordners, inbouwkasten en een berging. Hoewel voorafgaand aan het huisbezoek werd uitgelegd dat weigering geen directe gevolgen had, ontstond tijdens het bezoek een medewerkingsverplichting.
Het college trok de bijstand per 29 maart 2010 in wegens onvoldoende medewerking en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Amsterdam bevestigde dit besluit. Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij niet was geïnformeerd over de gevolgen van weigering en dat haar psychische klachten niet voldoende werden meegewogen.
De Raad oordeelde dat de medewerkingsplicht tijdens het huisbezoek terecht was ontstaan en dat appellante onvoldoende had meegewerkt. Ook was aannemelijk dat zij was gewezen op de gevolgen van weigering. Psychische klachten werden niet voldoende onderbouwd om de weigering te rechtvaardigen. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de intrekking van bijstand bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wegens onvoldoende medewerking aan het huisbezoek wordt bevestigd.