ECLI:NL:CRVB:2012:BY2713
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtskarakter afwijzing verzoek gebruik briefadres in bijstandszaken
Betrokkene diende een aanvraag om bijstand in die werd afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid over woon- en leefsituatie. Tegelijkertijd werd een verzoek om toestemming voor het gebruik van een briefadres afgewezen. De rechtbank oordeelde dat deze afwijzing een besluit was in de zin van artikel 1:3 Awb Pro en verklaarde het bezwaar tegen deze afwijzing ontvankelijk.
In hoger beroep stelde appellant dat de afwijzing van het verzoek om een briefadres geen besluit is omdat het niet gericht is op rechtsgevolg. De Raad bevestigde dit en overwoog dat alleen wanneer het al dan niet beschikken over een briefadres gevolgen heeft voor de verlening van bijstand, sprake is van een besluit. In deze zaak speelde dat niet, omdat de afwijzing van de bijstandaanvraag los stond van het briefadres.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze oordeelde dat de afwijzing van het briefadresverzoek een besluit was en bevestigde dat het bezwaar tegen deze afwijzing niet-ontvankelijk is. Het besluit van 31 mei 2011, waarin alsnog toestemming werd verleend, werd eveneens vernietigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De afwijzing van het verzoek om toestemming voor het gebruik van een briefadres is geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb en het bezwaar daartegen is niet-ontvankelijk.