ECLI:NL:CRVB:2012:BY2971
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- A.B.J. van der Ham
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij autohandel
Appellant ontvangt sinds 1994 bijstand en heeft in de periode van februari 2001 tot en met september 2008 bijstand ontvangen die het dagelijks bestuur op 18 februari 2009 heeft ingetrokken en teruggevorderd wegens het niet nakomen van de inlichtingenverplichting. Uit onderzoek bleek dat appellant 41 auto’s gedurende korte periodes op zijn naam had staan, wat duidt op autohandel.
Appellant stelde dat het om een hobby ging zonder of nauwelijks inkomsten en dat hij door medewerkers was geholpen bij het invullen van formulieren. De Raad oordeelde dat het aantal transacties en de korte tenaamstellingsperioden niet passen bij een hobby en dat appellant onvoldoende gegevens had aangeleverd om zijn stellingen te onderbouwen.
De Raad stelde vast dat appellant de inlichtingenverplichting schond door niet tijdig en volledig melding te maken van zijn transacties. Hierdoor kon het dagelijks bestuur niet vaststellen of appellant recht had op bijstand. De intrekking en terugvordering waren daarom terecht en het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd.