ECLI:NL:CRVB:2012:BY3128
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over beëindiging Ziektewetuitkering na medisch onderzoek
Appellant meldde zich ziek in het kader van de Ziektewet na klachten door een auto-ongeval en ontving een uitkering op grond van de WAO. Na medisch onderzoek door een verzekeringsarts en een bezwaarverzekeringsarts concludeerde het UWV dat appellant niet langer arbeidsongeschikt was en beëindigde de Ziektewetuitkering per 11 januari 2010.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het UWV werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en vond de medische rapporten zorgvuldig en overtuigend. Appellant voerde aan dat hij zich niet coöperatief had opgesteld tijdens het neuropsychologisch onderzoek en dat het UWV informatie had moeten inwinnen bij een revalidatie-arts, maar deze bezwaren werden verworpen.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn gronden, maar de Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank. De Raad stelde vast dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de overgelegde rapporten geen aanleiding gaven tot een ander oordeel. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek.