ECLI:NL:CRVB:2012:BY3764
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontheffing arbeidsverplichtingen WWB voor beperkte duur wegens medische omstandigheden
Appellant, bijstandsgerechtigde onder de WWB, was voor de periode van 1 maart 2009 tot 28 februari 2011 ontheven van enkele arbeidsverplichtingen vanwege medische omstandigheden. Het college verleende deze ontheffing op basis van een medisch advies van een verzekeringsarts die concludeerde dat appellant momenteel volledig arbeidsongeschikt was, maar verbetering niet kon worden uitgesloten en een herbeoordeling na achttien maanden adviseerde.
Appellant verzocht om een langere ontheffing en uitbreiding van de ontheffing tot andere verplichtingen, waaronder het meewerken aan arbeidsinschakeling en onderzoeken. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep tegen het besluit van het college ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat het college redelijkerwijs voor de duur van twee jaar ontheffing kon verlenen, gezien het medisch advies dat verbetering mogelijk was. Appellant had geen objectieve gegevens overgelegd die een langere ontheffing rechtvaardigden. Ook was er geen aanleiding om appellant te ontheffen van de verplichtingen tot meewerken aan voorzieningen en onderzoeken, omdat het medisch advies niet uitsloot dat appellant daaraan kon deelnemen.
Hierdoor was het hoger beroep ongegrond en werd de eerdere uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de ontheffing van arbeidsverplichtingen voor twee jaar en wijst het hoger beroep af.