ECLI:NL:CRVB:2012:BY3927
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- E.J.M. Heijs
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontvangt sinds 2003 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). In een onderzoek van het team Sociale Recherche Twente kwam aan het licht dat appellante meer bankrekeningen had dan zij had opgegeven. Hierdoor werd bijstand over de periode 2006-2008 ingetrokken en teruggevorderd.
Appellante voerde aan dat zij door taalproblemen dacht alleen het rekeningnummer waarop de bijstand werd gestort te hoeven melden en dat zij spaargeld had opgebouwd om grote uitgaven te doen. De Raad oordeelde echter dat appellante haar inlichtingenverplichting had geschonden en dat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld vanwege de niet gemelde rekeningen en stortingen.
Het college was bevoegd de bijstand in te trekken en terug te vorderen. De financiële situatie van appellante vormde geen dringende reden om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Almelo bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.