ECLI:NL:CRVB:2012:BY5194
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht over vermogen
Appellant ontving bijstand sinds januari 2008. Naar aanleiding van een vermogenssignaal van de Belastingdienst werd een onderzoek ingesteld dat uitwees dat appellant beschikte over een vermogen boven de vrij te laten grens, namelijk een gezamenlijke bankrekening bij Fortisbank met een saldo van ruim €13.000.
Het college trok de bijstand over de periode januari tot oktober 2008 in en vorderde de gemaakte kosten terug. Tevens werd de bijstand voor een maand met 100% verlaagd wegens schending van de inlichtingenplicht. Appellant voerde aan niet op de hoogte te zijn geweest van de rekening en geen beschikking te hebben over het tegoed.
De Raad oordeelde dat het bestaan van een bankrekening op naam van appellant, ook als “en/of”-rekening, de veronderstelling rechtvaardigt dat hij over het tegoed kon beschikken. Appellant slaagde er niet in dit te weerleggen met objectief bewijs. De Raad bevestigde daarom het besluit tot intrekking, terugvordering en maatregel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd.