ECLI:NL:CRVB:2012:BY5196
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in bestuursrechtelijke procedure
Verzoekster stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Arnhem in een geschil met het bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP. De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat de totale duur van de rechterlijke fase, van ontvangst van het beroepschrift bij de rechtbank tot de uitspraak van de Raad, drie jaar en elf maanden bedroeg, waarmee de redelijke termijn met ruim vijf maanden werd overschreden.
Namens de Staat werd erkend dat sprake was van een overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 van Pro het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Verzoekster vorderde een hogere vergoeding vanwege de zwaarte van het belang en de duur van de overschrijding, maar de Raad oordeelde dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren die een hoger bedrag dan het standaardbedrag van €500 per half jaar rechtvaardigden.
De Raad bepaalde dat de Staat tot betaling van €500 aan verzoekster wordt veroordeeld en wees een vergoeding van proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door A. Beuker-Tilstra op 29 november 2012.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van €500 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.