ECLI:NL:CRVB:2012:BY5700
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens onvoldoende inzicht in financiële situatie
Appellant ontving bijstand tot 31 juli 2008 en aanvullend vanaf oktober 2008. Het college trok de bijstand met terugwerkende kracht in wegens onvoldoende naleving van de inlichtingenplicht. Een onderzoek door het bureau Fraudebestrijding leidde tot het besluit tot intrekking vanaf 1 januari 2010.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat hij onvoldoende duidelijkheid verschafte over zijn financiële situatie, waaronder de aankoop van een auto, huurbetalingen en leningen van derden. Appellant stelde dat hij wel voldoende inzicht had gegeven en dat hij recht had op bijstand.
De Raad oordeelt dat appellant onvoldoende inzicht heeft verschaft in zijn financiële situatie en de wijze waarop hij in zijn levensonderhoud voorzag. De aankoop van een BMW op zijn naam en het gebruik daarvan kon niet worden weersproken. Ook de verklaringen over leningen waren onvoldoende concreet en niet verifieerbaar. Hierdoor kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld.
Het college was daarom bevoegd de bijstand in te trekken op grond van artikel 54 lid 3 WWB Pro. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wordt bevestigd wegens onvoldoende inzicht in de financiële situatie van appellant.