ECLI:NL:CRVB:2012:BY6018
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- Y.J. Klik
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Afwijzing langdurigheidstoeslag 2006 wegens ontbreken verblijfsrecht
Appellanten, die sinds 1999 in Nederland verblijven en sinds 2008 bijstand ontvangen, vroegen langdurigheidstoeslag aan over de jaren 2006, 2007 en 2008. Het college wees de toeslag voor 2006 en 2007 af vanwege het ontbreken van een rechtmatig verblijfsrecht op de peildata. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat appellanten pas vanaf 15 juni 2007 een verblijfsvergunning hadden en daarmee rechtmatig in Nederland verbleven.
De Raad vernietigde het besluit voor 2007 en kende de toeslag toe over dat jaar. Voor 2006 bleef de afwijzing gehandhaafd omdat het koppelingsbeginsel vereist dat vreemdelingen rechtmatig verblijven om aanspraak te maken op de toeslag. Het college werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan appellanten.
De Raad benadrukte dat het koppelingsbeginsel ook voor de langdurigheidstoeslag geldt en dat beleidsregels van andere gemeenten niet bindend zijn. Hierdoor is de aanvraag over 2006 terecht afgewezen, ondanks de aangevoerde argumenten over de referteperiode.
Uitkomst: De aanvraag langdurigheidstoeslag over 2006 wordt afgewezen wegens ontbreken van rechtmatig verblijfsrecht.