ECLI:NL:CRVB:2012:BY6367
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- T. Hoogenboom
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende medische onderbouwing UWV-besluit over arbeidsongeschiktheid per 10 september 2008
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV van 2 juni 2009 waarin zijn beroep ongegrond werd verklaard. De rechtbank had geoordeeld dat er geen objectieve toename van beperkingen was per 10 september 2008 ten opzichte van 13 november 2003, de datum van intrekking van zijn uitkering.
In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 14 augustus 2003 de beperkingen per 10 september 2008 niet juist weergeeft, onderbouwd met rapporten van een psychiater en een neuroloog. Het UWV stelde dat de gezondheidssituatie niet wezenlijk was veranderd.
De Raad concludeert dat de deskundigenrapporten zorgvuldig, inzichtelijk en consistent zijn en dat er geen voldoende gemotiveerde betwisting is van hun conclusies. Uit de rapporten blijkt dat appellant op 10 september 2008 meer beperkingen had dan in de FML van 2003 vermeld, zowel psychisch als lichamelijk.
Daarom is de medische onderbouwing van het bestreden besluit onvoldoende en in strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De Raad draagt het UWV op binnen twee maanden een nieuwe FML op te stellen die aansluit bij de bevindingen van de deskundigen en de arbeidsongeschiktheid opnieuw vast te stellen, eventueel in een nieuw besluit.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen binnen twee maanden een nieuwe medische beoordeling en FML op te stellen en de arbeidsongeschiktheid opnieuw vast te stellen.