ECLI:NL:CRVB:2012:BY6807
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Duurzaam gescheiden leven bij geregistreerd partnerschap en gevolgen voor AOW-pensioen
Appellante, geboren in 1940, is op 28 juli 2009 een geregistreerd partnerschap aangegaan met een partner geboren in 1969. De Sociale verzekeringsbank (Svb) herzag haar AOW-pensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) naar een gehuwd pensioen en vorderde een bedrag terug. Appellante stelde dat zij duurzaam gescheiden leeft van haar partner en maakte bezwaar tegen de herziening.
De Raad beoordeelde of sprake was van duurzaam gescheiden leven, waarbij werd gekeken naar de feitelijke situatie: ieder had een eigen woning, er was geen financiële verstrengeling en de partner verbleef slechts incidenteel bij appellante. Het partnerschap was vooral aangegaan om successierechten te vermijden. Er was geen sprake van een gezamenlijke huishouding of gezamenlijke vakanties.
De Raad concludeerde dat appellante duurzaam gescheiden leeft, vernietigde de eerdere uitspraak en het bestreden besluit, herroept de primaire besluiten van 2 oktober 2009 en wijst het verzoek van appellante toe om de Svb te veroordelen tot vergoeding van wettelijke rente over het na te betalen pensioen. Tevens werd de Svb veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Appellante wordt als duurzaam gescheiden aangemerkt, eerdere besluiten worden vernietigd en zij krijgt vergoeding van wettelijke rente en proceskosten toegewezen.