Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante was sinds mei 2011 werkzaam als administratief medewerkster en viel uit wegens pijnklachten veroorzaakt door slijtage en spanningsklachten. Het dienstverband eindigde in november 2011. Het UWV besloot op basis van medisch onderzoek dat zij niet langer recht had op een Ziektewetuitkering vanaf 29 november 2011.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de medische rapporten van de verzekeringsartsen zorgvuldig waren en dat appellante ondanks haar klachten haar eigen werk kon verrichten. In hoger beroep voerde appellante aan dat het onderzoek niet zorgvuldig was en dat zij meer beperkt was dan aangenomen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank en de medische rapportages, waarbij ook de recente medische stukken en het psychisch onderzoek werden betrokken. De Raad vond geen aanleiding om af te wijken van het standpunt dat appellante geschikt was voor haar werk. Nieuwe medische informatie betrof vooral de huidige situatie en was niet relevant voor de datum in geding.
De Raad zag geen noodzaak voor het inschakelen van een onafhankelijk deskundige en wees het hoger beroep af. Tevens werd het verzoek om vergoeding van proceskosten afgewezen. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 14 augustus 2013.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante niet ongeschikt is voor haar werk en wijst het hoger beroep af.