ECLI:NL:CRVB:2013:2481
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- W.F. Claessens
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging herzieningsbesluiten ouderdomspensioen wegens onvoldoende feitelijke grondslag gezamenlijke huishouding
Betrokkene 1 ontving een ouderdomspensioen en betrokkene 2 een nabestaandenuitkering. Naar aanleiding van meldingen dat zij samenwonen, stelde de Sociale verzekeringsbank een onderzoek in en herzag zij de uitkeringen per 1 april 2008. De rechtbank vernietigde deze besluiten wegens een motiveringsgebrek, met name het niet op ambtseed horen van getuigen en onduidelijkheid over waarnemingen.
In hoger beroep stelde appellant dat het horen van getuigen op ambtseed niet verplicht was en baseerde het standpunt op meldingen, waarnemingen, waterverbruik, verklaringen van buurtbewoners en gezamenlijke aankoop van een caravan. De Raad oordeelde dat deze gegevens onvoldoende zijn om aan te nemen dat vanaf 20 maart 2008 sprake was van een gezamenlijke huishouding in de woning van betrokkene 2.
De verklaringen van buren waren tegenstrijdig en niet overtuigend, anonieme meldingen niet verifieerbaar, en het waterverbruik toonde geen duidelijk bewijs van hoofdverblijf. De gezamenlijke aankoop van een caravan duidde slechts op financiële verstrengeling, niet op gezamenlijk hoofdverblijf.
De Raad concludeerde dat de besluiten niet op een deugdelijke feitelijke grondslag berusten en bevestigde daarom de vernietiging en herroeping door de rechtbank. Er zijn geen aanwijzingen dat het gebrek in de besluitvorming nog kan worden hersteld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van de besluiten wegens onvoldoende feitelijke grondslag voor gezamenlijke huishouding vanaf 20 maart 2008.