Uitspraak
OVERWEGINGEN
3. Appellant heeft in hoger beroep, samengevat, aangevoerd dat het dagelijks bestuur het besluit van 4 januari 2008, door dit besluit te verzenden naar het GBA-adres, niet op de juiste wijze bekend heeft gemaakt en dat er voldoende reden is om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Appellant heeft er in dit verband op gewezen dat hij in de periode dat het besluit van 4 januari 2008 werd verzonden geen vaste woon- of verblijfplaats had en dat hij geen terugvorderingsbesluit meer hoefde te verwachten.